Pijlers van het programma

Het programma ‘Weet wat je eet’ is gebaseerd op drie pijlers:

Pijler 1: De voedselcoach
Voedseleducatie staat niet vanzelf op het lesprogramma van de basisschool. Veel scholen zien wel het belang,  zeker als er vermoedens zijn dat hun leerlingen thuis te weinig gezond voedsel krijgen. De tijd ontbreekt echter om zich oriënteren op geschikte lesprogramma’s. De voedselcoach helpt scholen op weg en verkent mogelijkheden voor voedseleducatie, op het schoolterrein of daarbuiten. De coach biedt praktische tips en oplossingen. Hiermee kunnen scholen en bso’s zelfstandig aan de slag met lessen over voedsel. Lees hier meer over de voedselcoach.

Pijler 2: Verbinding met bestaande methodes en kansen in de wijk
‘Weet wat je eet’ en de voedselcoach sluiten aan bij bestaande (les-)methodes. Want waarom zou je het wiel opnieuw uitvinden als er al mooie methodes bestaan? Voorbeelden zijn Jelle’s Makkelijke Moestuin en de smaaklessen van het Voedingscentrum. De coach werkt samen met andere professionals, zoals medewerkers van de GGD en Beweeg Wijs, die vanuit hun eigen expertise, aandacht aan gezond eten besteden. Tot slot legt de coach contacten met de buurt, signaleert dat kinderen bijvoorbeeld een dagje kunnen koken, en roept de hulp in van vrijwilligers die kunnen meehelpen met de aanleg van een tuin of kookactiviteiten.

Pijler 3: Zoveel mogelijk ouders en kinderen doen mee
Het programma ‘Weet wat je eet’ wil zoveel mogelijk kinderen bereiken. Daarom richt het zich op het onderwijs en kinderopvang. Alle activiteiten zijn laagdrempelig en sluiten aan bij de beleving van kinderen. Samen op onderzoek, in de tuin of de keuken. Met elkaar nieuwe ervaringen opdoen en ander smaken beleven.
Ouders worden bereikt via de kinderen maar ook via activiteiten waarbij ouders  zijn betrokken, zoals ouderavonden, de zorg voor de schooltuin en de Avondvierdaagse.